Sytske Breunesse en Ineke ’t Hooft-Imhulsen vertaalden onlangs Vaarwel, Istanbul, een roman van Ayşe Kulin over een ministersgezin in de laatste jaren van het Osmaanse Rijk (1918-1922).

Na de Eerste Wereldoorlog wordt het gedecimeerde Osmaanse Rijk bezet door buitenlandse mogendheden. Osmaanse verzetsgroeperingen verzamelen zich in Anatolië en proberen vandaaruit de strijd aan te binden met de buitenlandse bezettingsmacht en de sultan – een strijd waarin Mustafa Kemal, de latere Atatürk, een grote rol speelt. In Vaarwel, Istanbul ligt het perspectief echter niet bij de opstandelingen, maar bij Ahmet Reşat, de laatste Osmaanse minister van Financiën. Hij probeert tot het einde toe trouw te blijven aan de sultan, maar raakt door de ondergrondse activiteiten van zijn inwonende neef Kemal ook betrokken bij de verzetsbeweging. Ahmet Reşat mag een hoge overheidsfunctionaris zijn, Kulin schetst hem vooral als hoofd van een gezin. Het is de familie die in het brandpunt van de roman staat. De Turkse ondertitel van het boek luidt niet voor niets Esir Şehirde bir Konak – ‘Een villa in de krijgsgevangen stad’.

Ayşe Kulin is bekend om haar geromantiseerde historische romans, in veel gevallen bestsellers. Haar boeken zijn veelal gebaseerd op de biografie van een bestaande persoon. Voor Vaarwel, Istanbul gebruikte ze brieven en memoires van haar overgrootvader, Ahmet Reşat Yediç. Samen met Umut (‘Hoop’), een roman waarin wordt beschreven hoe het verder gaat met Ahmet Reşat en zijn familie, werd het verhaal bewerkt tot televisieserie.

Naar aanleiding van het verschijnen van de Nederlandse vertaling van Vaarwel, Istanbul wordt Ayşe Kulin op 15 mei geïnterviewd door recensent Arjan Peters. De avond vindt plaats in De Balie en begint om 20 uur. Voor praktische informatie en reserveringen, zie de website van De Balie.